De ballingschap, de verspreiding en de terugkeer naar het “Heilige Land”
Mozes en vele van de hebreeuwse profeten voorspelden de wereldwijde verspreiding van de kinderen van Israël, vanwege het overtreden van Yah’s wetten. De Hebreeërs bevinden zich daardoor nu in allerlei verschillende landen en leven tussen verschillende volken.
Eén van de vloeken die voor Israël gold, was dat als zij de wetten van de Allerhoogste bleven breken zij totaal verbannen zouden worden uit het heilige land. De oude Israëlieten zijn een aantal keer in ballingschap gegaan maar het werd hun steeds weer toegelaten om terug te keren. In Deuteronomium 28:64, kun je lezen dat de Israëlieten over de gehele aarde verstrooid zouden worden. Dit wordt herhaald in DEUT 32:26.
Dit betekent dat de Israëlieten nu niet in het land kunnen zijn en één soevereine natie vormen. Zij behoren verspreid te zijn over de aarde en te wonen in het land van hun vijanden. Net zoals de geschriften ons al keer op keer hebben laten zien. Lucas 21:24 verteld ons dat de Israëlieten in gevangenschap genomen zouden worden naar alle natiën totdat de tijd van de heidenen vervuld zijn. Die tijden zullen vervuld zijn wanneer Yahoshua terugkeert. Tot die tijd zullen de Israëlieten verblijven in het land van hun vijanden.
We zijn alleen voor een bepaalde tijdsperiode uit het heilige land geplaatst. Voorspellingen zeggen dat de echte Israëlieten terug zullen keren.
ZACHARIA 8:3 , 7-8
(3) Zo zegt Yah: Ik keer weder tot Sion en Ik woon binnen Jeruzalem; Jeruzalem zal de stad der trouw, en de berg van Yah der heerscharen zal de berg der heiligheid genoemd worden.
(7) Zo zegt Yah der heerscharen: Zie, Ik verlos mijn volk uit het land van de opgang en uit dat van de ondergang der zon;
(8) Ik breng hen terug en zij zullen binnen Jeruzalem wonen. Zij zullen Mij tot een volk en Ik zal hun tot een God zijn, in trouw en in gerechtigheid.
Op dit moment staat Jeruzalem niet bekend als stad van waarheid en begeeft Yah zich niet in deze stad. Dit vers zegt dat wanneer de Israëlieten terug zijn in Jeruzalem, dan zal hij zich bij hun voegen en daar verblijven in trouw en rechtvaardigheid. Er is geen waarheid (de wetten en bevelen) in Jeruzalem, er is ook geen rechtvaardigheid (het aanhouden van de wetten en bevelen).
Dit betekent alleen maar, dat de Israëlieten nog niet naar het land teruggekeerd zijn als één soevereine natie. Zij bevinden zich in het land van hun vijanden waar zij gestraft worden voor hun zonden (Amos 3:2). Wanneer de Hebreeërs terugkeren, dan zullen zij de rechtvaardige natie worden die zij behoren te zijn. Dit is in tegenstelling tot de Joden die vandaag de dag in het land verblijven, het overgrote deel van hun zijn paganisten of Atheïsten. Vers 8 verteld ons dat wij de wetten van Yah dan compleet zullen begrijpen en dat wij ons eraan zullen houden, er zullen geen zondaars in het land zijn wanneer Israël terugkeert.
EZECHIËL 20:34 IK ZAL U VOEREN UIT HET MIDDEN DER VOLKEN EN U BIJEENBRENGEN UIT DE LANDEN WAARIN GIJ VERSTROOID ZIJT, MET STERKE HAND, MET UITGESTREKTE ARM EN MET UITGESTORTE GRIMMIGHEID.
(38) IK ZAL DE WEERSPANNIGEN UIT U UITSCHIFTEN EN HEN DIE TEGEN MIJ OVERTREDEN HEBBEN; WEL ZAL IK HEN LEIDEN UIT HET LAND WAARIN ZIJ ALS VREEMDELINGEN VERTOEVEN, MAAR IN HET LAND VAN ISRAËL ZULLEN ZIJ NIET KOMEN. EN GIJ ZULT WETEN, DAT IK YAH BEN.
Wanneer de werkelijke natie van Israël terugkeert, zullen we enkel en alleen door YAH’s toedoen teruggebracht worden. Yah zegt ook dat wij hem zullen kennen wanneer wij terugkeren. (De Joden in Israël vandaag de dag kennen Yah niet). Wij zullen terugkeren naar Jeruzalem om de Allerhoogste te aanbidden, tussen ons zullen er geen zondaars zijn. Alle echte Hebreeërs die de waarheid dan ontkennen, zullen als rebellen worden gezien en Yah zal diegenen tussen ons uit verdrijven. Wanneer wij terugkeren, zal het net zoals in Egypte een tweede exodus zijn. (Bedenk dat DEUT 28:68 ons vertelt dat wij terug naar Egypte zouden gaan met schepen, hiermee werd een spiritueel Egypte bedoeld wat een weerspiegeling is van de eerste Egyptische gevangenschap.
Als de moderne Joden de afstammelingen van de Israëlieten zijn, betekent dit dat 99.9% van hun bevolking het land nog geen eens binnen zou kunnen komen. Yah legt duidelijk uit dat alle Hebreeërs die zich tegen hem verzetten (Het breken van zijn wetten, en de Joden geven openlijk toe dat zij de wetten van Yah niet volgen), het land Israël nooit zullen zien, zodra het land weer een machtige soevereine natie van de Hebreeërs is. Volgens de geschriften zijn de Israëlieten nog niet in het thuisland. Wij zijn nog steeds in het land van onze vijanden, onderhevig aan de opgelegde vloeken.
Na de vernietiging van Jeruzalem in het jaar 70, was er een 1400 jaar lange migratie vanuit het zogenaamde “Midden-Oosten” naar de westkust van Afrika. De eerste grote staat van Israëlieten in Centraal Afrika was in het land Ghana. Dit duurde ongeveer 1000 jaar, vanaf het jaar 300 tot laat in de 13e eeuw, toen het koninkrijk van Mali domineerde, was Ghana het gouden koninkrijk, dominant in de Afrikaanse tropen.
Er was een constante stroom van Israëlieten vanuit de noordelijke regio van Afrika toen de Carthaginianen uitgebreide commerciële banden in Afrika vestigden. Tegelijkertijd bereikte de migratie van Israëlieten uit de cultureel voorlopende steden in Libië, Tunesië, Algerije en Marokko haar hoogtepunt richting de vruchtbare gebieden tussen de rivieren in Senegal en de Niger rivieren. Deze migraties van Hebreeërs kwamen veelvuldig voor vanaf het jaar 300 en duurde met grote regelmaat zeker nog 1200 jaar voort.
De Hebreeërs migreerden naar het gebied boven de Nijl, voorbij Memphis, Elephantine, Khartoum en gingen richting het westen naar Kordofan in centraal Soedan. De hoofdreden voor de migraties was vervolging. De Hebreeërs werden vervolgd door Arabieren met de Islam en door inheemse stammengroepen door heel Afrika. Maar ook dit is voorspeld in (DEUT 28:65).
Wij moeten onthouden dat toen aan Abraham en zijn nageslacht de erfenis van het land beloofd werd, er gezegd is dat het land zou uitstrekken van Egypte tot aan de Eufraat rivier (Het moderne Irak) (Genesis 15:18).
De oude Israëlieten hebben zich niet begeven binnen deze gebieden en de Joden die nu in het land Israël wonen, bevinden zich maar op een klein stukje land in vergelijking met de grenzen die genoemd worden in Genesis 15:18. Deze voorspelling is dus voor een toekomstige tijd, wanneer de echte Hebreeërs terugkeren naar hun thuisland.
DEUTERONOMIUM 30:1-5 WANNEER DAN AL DEZE DINGEN OVER U KOMEN, DE ZEGEN EN DE VLOEK, DIE IK U VOORGEHOUDEN HEB, EN GIJ DIT TER HARTE NEEMT TE MIDDEN VAN AL DE VOLKEN, NAAR WIER GEBIED YHWH, UW GOD, U VERDREVEN HEEFT,
(2) EN WANNEER GIJ U DAN TOT YHWH, UW GOD, BEKEERT EN NAAR ZIJN STEM LUISTERT OVEREENKOMSTIG ALLES WAT IK U HEDEN GEBIED, GIJ EN UW KINDEREN, MET GEHEEL UW HART EN MET GEHEEL UW ZIEL
(3) DAN ZAL YHWH, UW GOD, IN UW LOT EEN KEER BRENGEN EN ZICH OVER U ERBARMEN; HIJ ZAL U WEER BIJEENBRENGEN UIT AL DE VOLKEN, NAAR WIER GEBIED YHWH, UW GOD, U VERSTROOID HEEFT.
(4) AL WAREN UW VERDREVENEN AAN HET EINDE DES HEMELS, YHWH, UW GOD, ZAL U VANDAAR BIJEENBRENGEN EN VANDAAR HALEN;
(5) YHWH, UW GOD, ZAL U BRENGEN NAAR HET LAND, DAT UW VADEREN BEZETEN HEBBEN, GIJ ZULT HET BEZITTEN EN HIJ ZAL U WELDOEN EN U TALRIJKER MAKEN DAN UW VADEREN.
Volgens deze verzen zouden de kinderen van Israël verspreid worden over de gehele aarde in alle landen. Zij zullen verzorgd worden wanneer zij terug keren naar YAH de schepper en zijn bevelen uitvoeren. Dit is wat er gedaan moet worden om de werkelijke Israëlieten terug te brengen naar hun thuisland en dat is precies wat er de komende jaren gaat gebeuren. (Deut 30) is een voorspelling omdat het spreekt over de Israëlieten hun ballingsschap en terugkeer, reeds voordat zij het land voor het eerst betraden.
Merk ook op in Deut 30:1 wordt aangegeven dat wanneer wij de zegen en vloek in gedachten nemen en vervolgens YAH gehoorzamen, dan zal het hele proces van het bijeenbrengen beginnen. De Joden gehoorzamen het woord van YAH niet, dus als zij Israëlieten zijn, hoe zijn zij dan teruggekeerd in het land? Het antwoord hierop is dat zij niet de afstammelingen van de Bijbelse Israëlieten zijn. Dat zijn wij en daarom zijn wij de enige mensen die niets weten van onze originele thuisland.
In JOËL 3:1-2 staat:
(1) WANT ZIE, IN DIE DAGEN EN TE DIEN TIJDE, WANNEER IK EEN KEER ZAL BRENGEN IN HET LOT VAN JUDA EN VAN JERUZALEM,
(2) ZAL IK ALLE VOLKEN VERZAMELEN EN AFVOEREN NAAR HET DAL VAN JOSAFAT, EN IK ZAL ALDAAR MET HEN IN HET GERICHT TREDEN TER OORZAKE VAN MIJN VOLK EN VAN MIJN ERFDEEL ISRAËL, DAT ZIJ ONDER DE VOLKEN VERSTROOID HEBBEN, TERWIJL ZIJ MIJN LAND VERDEELDEN.
Dit vers vertelt ons dat wanneer Yah Juda (Yahudah en Jeruzalem) terugbrengt uit gevangenschap, dat hij ook alle natiën zal brengen naar het dal van Josafat of het dal van besluit en met hen in het gericht zal treden. LET OP DE REDENEN WAAROM HIJ MET HEN ZAL PLEITEN. 1. Omdat zij de Israëlieten verstrooid hebben 2. Omdat zij Zijn land en dus ook het land van de Israëlieten hebben opgedeeld. Dit is tegenwoordig in Israël de reden voor de dagelijkse gevechten. Wie er welk stuk land krijgt, de Arabieren willen dit stuk van het land, de Joden willen weer dat stuk van het land enzovoorts. Zij hebben het land van de Vader volgens hun eigen kwaad hart en verlangens gescheiden.
Yah zei dat zij het land gescheiden hebben (met “zij” worden de natiën bedoeld, niet de Israëlieten). De Joden die beweren dat zij van Israëlitische oorsprong zijn behoren tot die “zij” (of natiën) die het land verdelen. Dit feit alleen al onthult dat de Joden niet de afstammelingen van de Bijbelse Israëlieten zijn. De Arabieren, Joden en Christenen hebben allemaal een aandeel gehad in onze verstrooiing, zij zijn degenen die ons land op het moment aan het verdelen zijn. Yah zei dat hij met hen zou pleiten om deze 2 redenen (Het verstrooien van zijn mensen en het scheiden van zijn land).
Voordat de werkelijke Israëlieten en diegenen van andere natiën die ook deel worden van het verbond het land kunnen betreden, moet het land eerst nog gezuiverd worden zoals er is geschreven:
NUMERI 35:33 ZO ZULT GIJ HET LAND WAARIN GIJ WOONT, NIET ONTWIJDEN, WANT BLOED, DÀT ONTWIJDT HET LAND, EN VOOR HET LAND KAN TEN AANZIEN VAN HET BLOED DAT DAARIN VERGOTEN IS, GEEN VERZOENING WORDEN GEDAAN DAN DOOR HET BLOED VAN DEGENE, DIE HET VERGOTEN HEEFT.
Joden, Arabieren, Christenen en zelfs Israëlieten hebben in de geschiedenis bloed vergoten in Israël. Zoals dit vers ons duidelijk maakt, moet het land eerst gezuiverd worden door al dit bloed te vergieten, het bloed van diegenen die het hebben doen vergieten is vereist. Vandaar dat er in Joël 3:2 beschreven word dat Yah natiën zou brengen naar het dal van Josafat, waar vergelding zal plaatsvinden, dit zal het “zuiveringsproces” zijn. Dus van een ieder die bloed heeft vergoten in het land, zal het bloed vergoten worden. Merk op dat Joël 3:1 ons vertelt dat de Israëlieten vanaf dat moment terug zullen keren naar het land, Zacharia 8:3,8 vertelt ons dat wanneer de Israëlieten terugkeren dan zal Yah bij hun aanwezig zijn.
Yah zal zich niet plaatsen in een onrein en vervuild land. Dus wanneer de werkelijke Israëlieten terug zijn, zal het land niet meer onrein zijn door het vergoten bloed. Als je nu kijkt naar het land Israël, wordt er geen bloed vergoten? Hebben diegenen die in de geschiedenis bloed hebben vergoten, hun bloed vergoten, zodat het land gereinigd kan worden? Dit is wat er nodig is om het land te reinigen.
Het antwoord op al deze vragen is NEE! Dus de Israëlieten zijn en kunnen niet terug zijn in hun thuisland als één machtige en soevereine natie. Wij zijn nog steeds in ballingschap in de landen van onze gevangenschap net zoals de geschriften vertellen.